| |
| |
de Aalscholver, nr 81, febr 2011
Een slimme watervogel
Opvallend aan aalscholvers is dat ze hun veren na iedere zwembeurt moeten drogen in de wind. U ziet deze grote zwarte watervogels met een lange nek daarom vaak zitten met gespreide vleugels langs de waterkant. Het zijn uitmuntende duikers die lang onder water kunnen blijven. Wist u dat aalscholvers hele intelligente jagers zijn? Lees hoe dat zo gekomen is in dit nieuwe verhaal.
Vele duizenden jaren geleden werd een jonge prinses uit strategische overwegingen uitgehuwelijkt aan een koning van een naburig eilandenrijk. Straalde de prinses gelijkmoedigheid uit, haar echtgenoot was een opvliegende op macht beluste botterik. Uit dit ongelukkige huwelijk kwam een drieling voort. Na 18 jaar stierf de koning door het zwaard. De koningin wilde dat ze opgevolgd werd door de meest geschikte dochter met weinig genen van haar vader Ze besloot haar kinderen op de proef te stellen. “Vandaag vertrekken jullie voor een reis van drie jaar, ieder apart. Wie in deze jaren de wijsheid en leiderschap voor ons volk vergaart, zal de nieuwe koningin van ons eilandenrijk worden.” Met een kus en een traan nam ze afscheid, niet wetende dat ze hen door natuurgeweld nooit weer zou zien. Als eerste vertrok prinses Phala Crocorax Carbo, die iedereen prinses Paaltje noemde, niet alleen omdat ze lang was, maar ook omdat haar hoofd rustte op een lange statige hals. Galopperend op haar paard trok ze naar de kust, haar zwarte gewaden wapperden in de wind. De eerste nacht sliep ze in een dorpsherberg die dezelfde nacht werd overvallen door een bende bandieten. Niet alleen haar spullen werden gestolen, ze bedreigden haar ook. Paaltje zette het op een rennen, dook in de zee en zwom weg van de ongure types die watervrees bleken te hebben. Uren later kwam ze uitgeput en berooid aan op een klein eiland. De vissers op het strand waren achterdochtig en wilden niets weten van een lange vreemde vrouw in een wapperende zwarte jurk. Vanaf een veilige plek keek Paaltje naar de vissers die ieder voor zich visten en na een lange dag slechts een karig mandje vis mee naar huis namen. Ze zag de armoede en de honger in het dorp. Om haar lege maag te vullen stal ze een vis. De vissers die dit zagen waren woedend en wilden haar doden. Ze dook weer de zee in en bleef zo uit de handen van de mannen die niet bleken te kunnen zwemmen. Toen ze op veilige afstand was, riep ze: “Laten jullie me met rust als ik jullie in drie dagen leer 10 keer zo veel vis te vangen?” Nieuwsgierig stemden ze toe. Paaltje leerde de vissers eerst goed zwemmen en duiken, Op de 3e dag zei ze: “Samen zijn we sterker dan alleen. Vissen zwemmen in scholen. Als we de vissen naar elkaar toe drijven en omcirkelen, raken ze van slag en kunnen we vele vissen pakken.” De mannen vonden het een raar voorstel, maar wilden het wel uitproberen. En tot hun verbazing kwamen ze die avond met manden vol vis thuis. Vanaf die dag zwommen en visten de vissers in groepen. Paaltje werkte hard mee in haar lange zwarte jurk. Na iedere visvangst ging ze op een duin staan en liet haar jurk droog wapperen in de wind. De eilandbewoners keken op naar deze opvallende vrouw die de honger op het eiland had verdreven. Uit erkentelijkheid kleedden zich net zo, in wapperende zwarte kleden.
|
 Aalscholver met nestmateriaal. De witte dijvlek is er alleen in de broedperiode.foto ©.www.natuurklik.nl 1xklikken=vergroten
Drie
jaar later schudde de aarde en alle vulkanen op de hele wereld leken
gelijktijdig uit te barsten. Enorme vloedgolven overspoelden de aarde,
het einde van de wereld leek nabij. Ook het eiland van Paaltje
overstroomde, maar haar vissers overleefden omdat ze zulke geweldige
zwemmers waren en de zee zo goed kenden. De walvissen raakten bevriend
met hen en boden hun ruggen aan om te rusten. En zo veranderden ze in de
loop van de tijd van zwemmende vissers in vissende zwarte zeevogels.
Paaltje heeft vele nakomelingen gekregen. We kunnen ze nu nog herkennen
aan de lange nek en omdat ze nog altijd met gespreide vleugels hun
zwarte veren in de wind drogen
Aalscholvers
(phalacrocorax carbo) zijn grote zwarte watervogels met een lange nek.
Ze vallen onder de pelikaanfamilie. Er wordt wel gezegd dat ze uit de
prehistorie komen en dat is te zien aan hun uiterlijk. Het zijn
uitmuntende duikers die onder water in groepsverband vissen bijeen jagen
en verorberen. Ze kunnen wel een kilo vis per dag eten. In de vorige
eeuw zijn ze bijna uitgeroeid omdat vissers ze als concurrenten zagen.
Nu de jacht verboden is neemt hun aantal sterk toe. Om dieper te kunnen
duiken hebben ze geen vet op de veren zoals andere vogels en daarom
moeten ze na iedere zwembeurt hun veren drogen In waterrijke gebieden
zien we overal langs de waterkant de aalscholvers met gespreide vleugels
hun veren drogen. Het zijn echte groepsdieren. Ze zijn vliegend
makkelijk te herkennen aan hun lange rechte nek. Ze vliegen vaak laag
over het water, in een lange rij achter elkaar of in een v-formatie,
zoals ganzen.
Er
zijn theorieën dat vele duizenden jaren geleden door het schuiven van
de aardplaten en het uitbarsten van vele vulkanen enorme vloedgolven de wereld hebben overstroomd. In vele oude verhalen lezen
we hierover, zoals bijvoorbeeld de Ark van Noach en Atlantis. ©.
De avonturen van de twee zussen van Paaltje leest u in april.
|
|