Moerasvergeet-mij-nietje (nr 83, juli 2011)

De laatste woorden van een verliefde ridder.

Als ik in de zomer met de roeiboot of kano door sloten en plassen vaar, geniet ik van de boeketten bloeiende wilde planten in de walkant. De helderblauwe, meestal wat lager bloeiende tere bloempjes van het moerasvergeet-me-nietje, ontroeren me dan, omdat ik moet denken aan het tragische sprookje van een verliefde jonge ridder:

In het jaar 1248 droomde een jonge ridder, Myosótis genaamd, van  de jonge jonkvrow Palústris, de meest begeerde dochter van zijn  kasteelheer. Hoe kon Myosótis de aandacht trekken van deze jonge vrouw, te midden van alle om haar hand dingende stoere ridders, die hem tijdens toernooien in één slag neerlegden?
Tijdens de eindeloze gelagen en beleefde conversaties in het kasteel, bedacht hij een plan. Hij zou het anders aanpakken.
Zijn page bezorgde de jonkvrouw een uitnodiging  voor een wandeling langs geneeskrachtige kruiden, die zij tot zijn verbazing accepteerde. Door een meestersmid liet hij zich een nieuwe maliënkolder aanmeten.
Op een zomerse dag hees zijn schildknaap hem in zijn zware, nog glimmende, ijzeren wapenrok.
Met Palústrisj aan zijn zijde wandelde hij langs de romantische Theems, vertellend over de wonderlijke helende eigenschappen van de planten langs de rivier. De jonge jonkvrouw raakte betoverd door de breed geschouderde jongeling die zo anders was dan de rest met zijn, tot haar verbazing, grote kennis over de bloemen en planten.
Toen ze aan de waterkant kleine helderblauwe bloempjes met een geel hartje ontwaarde, riep ze verrukt  uit: “Ridder, zie die schattige blauwe bloempjes aan de waterkant. Wat zou ik het op prijs stellen van u een klein boeket blauwe liefjes te mogen ontvangen.”

                         moerasvergeet-mij-nietje,


De verheugde jongeling reikte ver om de bloemetjes te plukken. Hij bukte verder om de laatsten te pakken. Te ver, hij verloor zijn evenwicht. De arme jonge ridder viel in het diepe water met zijn zware maliënkolder. Met een uiterste krachtsinspanning kwam hij nog één keer boven met een blauw boeketje in zijn handen die hij uitstak naar zijn geliefde. Tot haar sprak hij zijn laatste woorden: “Vergeet mij niet!” en verdween in de diepte van de Theems. Sindsdien noemt ze deze plantjes ‘vergeet-mij-nietjes’, als herinneringen aan haar verliefde onfortuinlijke ridder.

(met dank aan Ria Hoogstraat)

Het Moerasvergeet-mij-nietje groeit in de zomer zoals de naam zegt, in moerassig gebied, met een voedselrijke bodem en aan de walkanten. Ze zaaien zich makkelijk uit.
Er zijn 7 verschillende soorten vergeet-me-nietjes (Myosótis): het Moerasvergeet-mij-nietje (Myosótis palústris), een lage tot middelhoge hemelsblauwe zomerbloeier, houdt van natte voeten net als  het Zompvergeet-mij-nietje (Myosótis láxa), ook een lage tot middelhoge zomerbloeier maar met bleekgroene tot iets gelige bloeiende bloemblaadjes. De anderen hebben kleinere bloemetjes: het Akkervergeet-mij-nietje (Myosótis arvénsis), laag tot middelhoog, bloeit van de voorzomer tot in de herfst; het Bosvergeet-mij-nietje (Myosótis sylváta) laag tot middelhoog, bloeiend in de lente en voorzomer; het Ruw vergeet-mij-nietje (Myosótis ramosissima), zeer lage lentebloeier; het Stijf vergeet-mij-nietje (Myosótis strícta), laag en gedrongen, bloeiend in 2e deel van de lente en het Veelkleurig vergeet-mij-nietje (Myosótis discolor), laag in het 2e deel van de lente bloeiend, waarbij de bloemblaadjes eerst geel zijn en dan, soms via een roze tussenstadium, lichtblauw worden.

 

Kies uw taal: