062, gierzwaluw, jan 09

DE GIERZWALUW  (nr 62, jan 2009)

Door de warmere winters vliegen minder koperwieken en kleine zwanen vanuit het uiterste noorden van Europa naar West Europa om te overwinteren. Voor een zomervogel bij uitstek, de gierzwaluw, lijken onze winters nog te koud. Maar er was eens een eigenwijze gierzwaluw die in ons land wilde overwinteren. Hoe dat afliep leest u in deze typisch Engelse, hedendaagse vertelling, mèt een moraal.

Toen de aarde opwarmde door toedoen van domme mensen, was er eens een eigenwijze gierzwaluw die zich niet wilde aanpassen aan de grote tradities van zijn soort. Hij had geen zin in de lange gevaarlijke tocht naar midden Afrika en besloot niet mee te gaan met de grote trek in augustus. Door de warme winters verwachtte hij dat er genoeg te eten zou zijn omdat de insecten zich niet in holletjes voor de kou hoefden te verstoppen.
Op de kortste dag van het jaar vloog de sierlijke zwarte vogel tevreden rond in ons land, overtuigd van zijn gelijk: het was goed toeven en er was voedsel genoeg.
Toen de dagen in januari lengden, naderden koude sneeuwstormen. Hij bedacht zich en toog alsnog zuidwaarts. Maar al snel vormde zich ijs op zijn vleugels en hij duikelde half bevroren op een boerenerf. Na een poosje liep er een koe langs die precies op de bevroren vogel een verse vlaai liet vallen. De zwaluw dacht dat deze vlaai zijn definitieve einde betekende. Maar een wonder geschiedde, de mest was warm en zijn bevroren vleugels ontdooiden. De zwaluw werd warm, voelde zich gelukkig en begon te fluiten. Juist op dat moment kwam er een kat langs die hem hoorde en die de hoop nader onderzocht. De kat haalde de mest weg, ontdekte een lekker hapje en vrat hem op, wat het einde van de eigenwijze zwaluw betekende.

De moraal van dit verhaal:
- iemand die je in de shit brengt, hoeft niet je vijand te zijn;
- iemand die je uit de stront haalt, is niet noodzakelijker- wijs je vriend;
- als je warm en gelukkig bent, zwijg!



 gierzwaluw © mike melis

   gierzwaluw foto © mike melis (1 x klikken =vergroten)

Kent u het verschil tussen een rotslandschap en een stenen stad? De gierzwaluw niet. Deze van oorsprong rotsbroeder is in Europa een echte stadsbewoner geworden. Hij broedt in de spleten en holen van de stenen van vooral oudere huizen.
In menig opzicht is de gierzwaluw een hele bijzondere vogel, een beestje van de grote cijfers. Hij is 15 cm lang en heeft een topsnelheid van 200 km per uur. Hij leeft 24 uur per dag in de lucht, hij slaapt, eet en drinkt er en verzamelt het nestmateriaal al vliegend. Slapen doet hij op zo'n 3 à 4 km hoog, zwevend op de luchtthermiek . Alleen om te broeden komt hij naar beneden. Gierzwaluwen zijn maar een kleine 3 maanden in ons land, van eind april tot begin augustus, alleen om een nest groot te brengen. Een gierzwaluwgezin eet wel zo'n 20.000 insecten per dag! Als één van de eerste trekvogels beginnen ze begin augustus aan hun 7000 km lange reis naar naar Afrika ten zuiden van de Sahara. Alleen in het broedseizoen is zijn zomerse gegier te horen, in Afrika zwijgt hij.
Doordat er steeds meer oudere huizen verdwijnen,neemt de broedgelegenheid af. Wilt u meer weten over de mogelijkheden om in uw woonomgeving broedgelegenheid te scheppen voor de gierzwaluw, kijk op 
www.gierzwaluwbescherming.nl

Kies uw taal: