De waterlelie is een betoverend mooie bloem die menig water siert. Wist u dat de waterlelie vroeger een nimf was die veel mannen verleidde? Zo ook de god van de haargroei. En dat liep niet goed af..., luister:
Lang heel lang geleden, in de dagen dat er vele goden en halfgoden op de aarde rondzwierven, fluisterde Alba, de verleidelijke witte nimf met de golvende goudgele haren: “Je gespierde lichaam is zo prachtig, ik zou je lief kunnen hebben, maar jammer dat je overal van die lange haren hebt.” Ze lag aan de oever van een meer en keek in de smachtende ogen van de verliefde god. Nitella was de god van de haargroei, de god tot wie kalende mannen hun toevlucht zochten. Zijn hoofd was bedekt met een enorme haarbos, zijn borst getooid met donkere krullen en zijn kin met een lange baard. Zijn lange haren golfden in de wind. “Ik raak verstrikt in je lange natte haren die alle kanten uit waaieren als ik met je zwem. Ik zal je geliefde worden als je je haren afknipt.” Nitella was in de war, wat moest hij doen? Wat is een god van de haargroei zonder haren? Dat was onmogelijk en zou het niet zonder gevolgen blijven in de godenwereld. Maar zijn verliefdheid was groter dan zijn angst. Hij knipte al zijn haren af en gooide die in het meer. Grote bossen haar zakten naar beneden. Toen Alba en Nitella elkaar daarna zwemmend in het meer omhelsden, bulderde plotseling de oppergod: “Idioot, je gooit je grootste gave weg voor een verliefdheid. Je bent het niet waard een god te zijn! Vanaf heden zal je kaal zijn en je verstrikken in de haren die je nu hebt weggegooid. En Nimf, je hebt weer een man verleidt tot onzalige daden. Dat zal nooit meer gebeuren. Daarom leef je voortaan als een waterbloem!” En met een enorme windvlaag verdween de oppergod, de geliefden verbijsterd achterlatend. Binnen een uur veranderde Alba in een waterplant en Nitella zwom kaal en naakt te midden van zijn lange haren. De haren van Nitella groeiden verder in het water en vermenigvuldigen zich tot op de dag van vandaag. U vindt ze in zowel het zoute als het zoete water en worden wieren genoemd. Heel soms ziet u de verwarde god boven het water uitkijken, helemaal overwoekerd door lange slierten wieren. Ook de witte nimf leeft nog steeds voort, Nimphe alba geheten. 's Zomers betoveren haar witte bloemen met een goudgeel hart de mensen. Als u naar de grote drijvende bladeren kijkt vindt u nog een restje van haar verleidingskunsten terug: haar grote bladeren zijn hartvormig. En het schijnt dat je op moet passen om te zwemmen in water waar waterlelies bloeien.... | 
witte waterlelie, nimphe alba,foto©ElsBaars (1xklikken=vergroten)
Er zijn diverse soorten wieren. In het zoete water: kranswier (Nitella flexilis), spiraalwier (Spirogyra), flap (Zygnema), darmwier (Enteromorpha). Wieren zijn belangrijk voor veel kleine waterdieren en dienen als kraamkamer voor vissen. De lange slierten produceren zuurstof, maar door voedselrijk water kunnen ze gaan woekeren en planten en dieren verstikken. De bekendste zeewier is het blaajeswier (Fucus vesiculosus). De groen-bruine blazen liggen op het strand. De waterlelie groeit in voedselrijk, vrijwel stilstaand water. Ze kunnen wortelen tot een diepte van 1-3 meter. De bladeren zijn onder water bruin en geven zuurstof af, als ze gaan drijven worden ze groen en hebben zuurstofmondjes aan de bovenkant van het blad, via zuurstofkanalen in de stelen wordt zuurstof naar beneden vervoerd. De bloemen bloeien enkele dagen en openen zich alleen overdag als de zon schijnt. |